Voorwaarden voor een ww-uitkering
Wanneer u als werknemer uw baan verliest, komt u in principe in aanmerking voor een WW-uitkering. U moet dan wel jonger zijn dan 65 jaar en het verlies van uw baan mag niet verwijtbaar zijn.
De WW geldt voor alle werknemers die verzekerd zijn. In principe zijn ook werknemers in de sociale werkvoorziening verzekerd. Onder bepaalde voorwaarden geldt dit ook voor vertegenwoordigers, thuiswerkers, musici en artiesten.
Zelfstandigen en personeel, dat minder dan vier dagen per week werkzaam is in dezelfde particuliere huishouding, zijn niet verzekerd. Hetzelfde geldt voor stagiaires die geen volwaardig loon ontvangen.
Om recht te hebben op een WW-uitkering dient u bovendien aan de volgende criteria te voldoen:
1. U bent werkloos
U bent werkloos wanneer u:
- minimaal vijf arbeidsuren per week verliest (of als u minder dan tien uur per week werkte, minimaal de helft van de totale arbeidsuren)
- geen recht meer hebt op loon over die verloren arbeidsuren
- beschikbaar bent om passende arbeid te accepteren, door te solliciteren
2. Er is geen reden voor uitsluiting
Bijvoorbeeld: het ontslag is u zelf niet aan te rekenen.
3. U heeft een arbeidsverleden van minimaal een half jaar
U heeft een arbeidsverleden van een halfjaar wanneer u voldoet aan de '26 uit 36 weken'-eis. U heeft dan gedurende de 36 weken voor de eerste werkloosheidsdag minimaal 26 weken in loondienst gewerkt. U hoeft niet fulltime te hebben gewerkt: wanneer u in een week één dag heeft gewerkt, telt die week mee als gewerkte week. Ook vakantieweken waarin uw loon is doorbetaald tellen mee. Weken waarin u als zelfstandige heeft gewerkt, tellen niet mee. Ook weken die al zijn meegeteld voor een eerder recht op uitkering tellen niet mee. Voor beroepsgroepen zoals seizoenarbeiders, artiesten, musici en filmmedewerkers geldt een lagere weken-eis.
|